Onder haarwerken verstaan we alle niet-medische haartoevoegingen zoals een toupet, een haarstukje voor een deel van het hoofd, of een pruik voor het gehele hoofd. In het verleden hebben diverse benamingen een negatieve klank gekregen zodat de leveranciers van alles verzonnen om onder die namen uit te komen. U kunt nu lezen over units-fusions-integration-K zus of K zo. Uiteindelijk is het allemaal haarwerk. Vandaar dat ik het hier ook zo zal blijven noemen.

De bevestigingssystemen

Zelf afneembaar. De zelf-afneembare haarwerken worden bevestigd met dubbelzijdige tape (kleeft aan beide kanten) of lijm. Ook is de bevestiging met speciale clips mogelijk.

Niet zelf afneembaar. Bij de niet zelf-afneembare haarwerken wordt het meest gewerkt met een systeem waarbij het haarwerk aan uw eigen haar wordt geknoopt. Met dit systeem voelt de cli‘nt zich veiliger maar omdat het zelf niet af te nemen is zal een bezoek aan de haarwerkspecialist om de vier tot zes weken nodig zijn.

Contacthaar. Het allernieuwste op het gebied van niet-medische oplossingen is het zogenaamde contacthaar. We beschrijven het hier onder het hoofdstuk ‘niet-medische’ haaraanvullingen, maar aan deze oplossing zitten wel degelijk medische kanten.

Voor veel mannen is een haarstukje te veel haar. Van de een op de andere dag hebben zij weer een bos haar, net als vroeger. Haartransplantatie is voor hen ook geen oplossing want dat vinden ze dan weer niet dik genoeg. Daarom werd er een tussenoplossing gevonden, het zogenaamde ‘contacthaar’ (zoals in contactlens) Over het kale deel van het hoofd wordt een zogenaamde tweede huidlaag aangebracht waarin een aantal haren op microscopisch gaas worden geplaatst. Die tweede huidlaag werd ontwikkeld door de medische wereld.

De haren op microscopisch gaas komen uit de wereld van het theater en de film. Het resultaat is een transparante haaraanvulling waarbij de eigen huid normaal zichtbaar is als het haar openvalt. Net zo natuurlijk dus als eigen haar. Je voelt zelfs het douchewater op je hoofdhuid bij het wassen en dat is voor veel mannen die normale haarstukjes gewend zijn een sensatie. Gezien het ‘fijne’ van contacthaar zijn er meerdere units per jaar nodig en voor het onderhoud is men aangewezen op de vakman.

De soorten haarwerk:

1. Confectie haarwerken: Een confectie haarwerk is een kant en klaar product en wordt in een aantal kleuren, in een bepaald model, in een zekere oplage uiteenlopend van enkele honderden tot duizenden vervaardigd. De term hierbij, welk internationaal wordt gebezigd, is: “on stock”. Met confectie haarwerken bedoelen we tegenwoordig pruiken, toupets, aanwervingen, haarextensions (verlengingen). De overgrote meerderheid van de confectie haarwerken, wanneer het pruiken en toupets betreft, bestaat nog uit synthetisch haar, maar de laatste jaren wordt er steeds meer echt haar gebruikt.

Het voordeel van synthetisch haar is dat het model van het haarwerk voor een langere periode er in blijft zitten en dus minder onderhoud behoeft dan echt haar. Synthetisch haar is kleurvaster dan echt haar.

Het grote voordeel van een confectie haarwerk is de snelle levertijd vanuit onder meer de voorraad. Vooral mensen die snel geholpen moeten worden voor een relatieve korte periode, zoals in geval van chemokuren en/of bestralingen zijn beter af met een confectie haarwerk.

De kwaliteit van confectie haarwerken moet afhankelijk zijn voor het doel waar het voor gebruikt gaat worden. Aan een haarwerk voor een feestje of als een modeuiting of voor het toneel, worden heel ander eisen aan gesteld dan aan een haarwerk voor bijvoorbeeld een kankerpatiënt. En dan met name wat betreft de duurzaamheid en het draagcomfort.

2) Maathaarwerken:Een maathaarwerk is, zoals het woord al zegt, een haarwerk precies op maat. Dus geen bestaand haarwerk die achteraf passend wordt gemaakt om vervolgens het predikaat “maat” opgeplakt te krijgen. Een maathaarwerk wordt per persoon ontworpen en is dus in die zin uniek. De term hierbij, welk internationaal wordt gebezigd, is: “custom made”. Voor niemand anders dan de betreffende persoon is het dan ontworpen haarwerk in principe geschikt om te dragen. De levering van een maathaarwerk neemt veel meer tijd in beslag dan van een confectie haarwerk. Maathaarwerken zijn altijd handgeknoopt.

De knoopjes van het haar dat machinaal geknoopt is zijn netter dan de handgeknoopte. Een machine werk altijd met constante kwaliteit. De machinale knoopjes zijn allemaal gelijk van grootte, van vastheid en van inzet. Een mens is hiertoe niet in staat om zo te knopen. Met als resultaat dat alle knoopjes, hoe gering ook, van elkaar verschillen, hetgeen wel weer natuurlijker is.Dit is goed te zien wanneer het haarwerk binnenste buiten tegen het licht wordt gehouden. Bij machinaal geknoopte haarwerken zijn dan keurige “banen” van knoopjes te zien en bij handgeknoopte niet.

Een maathaarwerk wordt niet machinaal geknoopt. Niet omdat het technisch niet mogelijk is, maar omdat het niet rendabel is. Per haarwerk voor de verschillende segmenten van haarkleuren de knoopmachine instellen c.q aanpassen is te kostbaar.

Haarwerk zie je altijd

Een veelgehoorde opmerking is dat je haarwerk altijd ziet. ‘Ik zie het altijd als iemand een haarstukje draagt’ hoor je dan. Logisch, want als het te zien is, is er iets niet in orde. De goede haarwerken zijn onzichtbaar, dus in geen geval te zien. Op film of televisie is niet zelden een grappig bedoelde scéne te zien waarin haarwerk afvalt. Niet leuk voor die mensen die van haarwerk gebruik (moeten) maken, en ook onnodig. De huidige bevestigingssystemen zijn dermate veilig dat een haarwerk alleen onder zeer extreme omstandigheden kan loslaten. In zo’ n geval is het loslaten dan ook waarschijnlijk beter, om huidbeschadigingen te voorkomen.

Waar moet je op letten?

Van belang is dat haarwerk, indien mogelijk, op maat wordt gemaakt. Er zijn namelijk vele facetten die haarwerk tot goed haarwerk maken, dat onzichtbaar is voor uw omgeving. Enkele van die facetten zijn:

Haarkleur;

Haardikte;

Haarstructuur;

Vorm van het hoofd;

Maten van het hoofd.

Dit alles tezamen moet overeenstemmen om een goed eindresultaat te garanderen. Ook is het aan te bevelen om minimaal twee haarwerken aan te schaffen. U kunt dit vergelijken met het dragen van een broek. Als die vier weken is gedragen is hij niet meer toonbaar. U draagt echter afwisselend meerdere broeken. Deze zien er dan beter uit en gaan ook langer mee.

Echt haar of synthetisch haar

Haarwerken zijn er in vele soorten haar (Europees-Aziatisch-Indisch en de laatste tijd ook Russisch) en synthetisch haar. Beide soorten hebben hun voor- en nadelen. Echt haar bijvoorbeeld kan verkleuren. Als het dan weer geverfd moet worden verliest het veelal zijn ‘levende’ glans: een nieuw haarwerk bestaat uit diverse kleuren die dan worden vervangen door één kleur. De haarverfkleur.

Echt haar

Voor een haarwerk is het afgeknipte haar van 1 persoon niet voldoende. Vandaar dat het haar verwerkt in een haarwerk altijd van meerdere personen afkomstig is. En daar dient zich dan ook meteen een belangrijk probleem aan, namelijk: Het haar van ieder mens is op zich eigenlijk uniek, met zijn eigen bijzonderheden. Er is krullend, steil, golvend, droog, dik, dun, klittend, veerkrachtig, broos etc. haar. Om dus genoeg haar te verkrijgen, die voldoende is voor een haarwerk, moet je het haar van verschillende personen gaan mengen en dan is het onvermijdelijk dat een aantal van de genoemde bijzonderheden of beter gezegd; “eigenaardigheden” ook met elkaar vermengd worden. Om een aantal problemen te voorkomen of te beperken gaat men bij echt haar voordat het in een haarwerk verwerkt wordt als volgt te werk:

1) Het haar REMY maken: Hetgeen niets anders inhoudt, dan dat alle haren “kop / staart” komen te liggen. Alle schubben liggen dan in 1 richting. Wanneer dit niet zo zou zijn, dan gaan de haren tegen elkaar opkruipen hetgeen resulteert in behoorlijke klittenballen. Dit REMY maken gebeurd met behulp van een zogeheten resonantiemachine (trilmachine).

2) Het veredelen van haar: Dit betekent dat de beschadigde schubben van het haar verwijderd worden. Beschadigde schubben blijven openstaan en dat kan het haar stug en klit gevoelig maken. Na het veredelen voelt het haar dan ook zacht aan en soms zelfs een beetje snotterig. Het veredelen is een puur chemisch proces wat dagdelen kan duren. Ammonia, zoutzuur, chloor en formaline zijn daarbij belangrijke ingrediënten. Een gunstig neveneffect is dat het haar gelijk door die chemische behandeling bijzonder grondig gereinigd wordt.

3) Het haar kleuren: Een haar heeft altijd kleurverschil, de kop (vlakbij het hoofd) is donkerder dan de staart (het uiteinde). Dit is logisch, want onder invloed van zon en water, bleekt het haar altijd op. Alleen dit vaststaand gegeven levert wel een probleem op bij de sortering op kleur. Het haar wordt dus op 1 kleur gebracht van kop tot staart, middels haarverf. Kortom het haar in een haarwerk is en moet wel altijd bewerkt zijn.

Soorten echt haar.

Er zijn grofweg 4 haarsoorten te onderscheiden en dat gebeurt middels ras:

1) Het Negroïde haar: Kenmerk, grove structuur, kroes. Kleur, zwart. Geografische oorsprong, Afrika

2) Het Kaukasische haar: Kenmerk, fijn tot grove structuur, steil tot krullend. Kleur, alle kleuren van blond tot zwart. Geografische oorsprong, Europa

3) Het Mongolide haar Chinees: Kenmerk, fijn tot grove structuur, steil. Kleur, zwart. Geografische oorsprong, Azië Noord, Oost en West

4) Het Mongolide haar Indiaas: Kenmerk, medium tot grove structuur, steil tot golvend. Kleur, bruin en zwart. Geografische oorsprong, Azië Zuid

Het negroïde haar gebruik je alleen voor haarwerken met kroeshaar. Dit haar kan men natuurlijk ook ontkroesen en dan is het ook geschikt voor andere haarwerken, maar dit is een dusdanige zware chemische behandeling, dat het haar na het ontkroezen als van slechte kwaliteit gekenmerkt kan worden.

Het kaukasische haar is van alle haarsoorten het meest veelzijdig, zowel wat betreft de kleuren, de structuur en de krulsterkte. In principe is dit haar voor elk haarwerk geschikt om in verwerkt te worden. De meer gangbare benaming voor dit haar is Europees haar.

Het Mongolide haar Chinees is het meest gebruikte haar voor haarwerken, daar dit simpelweg het meest voor handen is. In principe is dit haar voor elk haarwerk geschikt om in verwerkt te worden, met uitzondering van langharige (>30cm) hoogblonde haarwerken

 

 

Het Mongolide haar Indiaas is qua gebruik sterk in opkomst, omdat het aanbod hiervan steeds groter wordt. Rituelen bij de tempels aldaar spelen hier een duidelijke rol in. Het haar is bij de bruine variant geschikter dan het altijd zwarte Chinese haar om het te bewerken tot de blonde kleuren.

Het is een wijdverbreid misverstand dat het Kaukasische haar, oftewel Europees haar, superieur is aan alle andere haarsoorten. Het enige is, dat wanneer een bepaalde blonde teint haar gevraagd wordt voor een haarwerk, het Europese haar gemiddeld minder bewerkingen hoeft te ondergaan dan de andere haarsoorten, waardoor de kwaliteit dus ook minder wordt aangetast. Maar bij het verkrijgen van zwart haar voor een haarwerk is het begrijpelijk dat het Mongolide haar gemiddeld minder bewerkingen hoeft te ondergaan om het op kleur te krijgen dan bij het gebruik van Europees haar.

Hoe minder onbeschadigde schubben een haar heeft, hoe als gezonder het wordt gekwalificeerd. Om nu zelf een inschatting te maken aangaande de bepaling van de kwaliteit van het haar zijn er de volgende hulpmiddelen, c.q aanwijzingen:

a) De haarmicroscoop, vergroot een haar dusdanig dat de schubben zichtbaar worden gemaakt en dus bekeken kunnen worden.

b) Het haar glanst.

c) Het haar heeft weinig tot geen gespleten punten.

d) Het haar pakt snel bij chemische behandelingen, zoals permanenten en verven.

e) Het haar blijft lang nat, wanneer het met water in aanraking is geweest.

 

Echt haar moet 1 tot 2 keer per jaar geverfd worden wil deze op kleur blijven. Tot midden jaren negentig waren de voorradige verfproducten veel te eenzijdig in hun kleur en veel agressiever dus slechter voor het haar. Na ongeveer 5 verfbeurten pakte het haar niet meer, Het was onmogelijk om het haar dan nog te kleuren of een andere chemische behandeling te geven, zoals bijvoorbeeld permanenten. De reden hiervoor was simpel. De eerder genoemde schubben van het haar zijn kapot. Ze zijn afgebroken, openen of sluiten niet meer. Met de huidige generatie haarverfproducten wordt dit probleem zo goed als teniet gedaan. De kleuren zijn veel genuanceerder en veelzijdig. En de verf zelf is veel minder agressief.

Geschubd en ongeschubd haar, deze termen komen veelvuldig voor in de haarwerkwereld. En het spreekt eigenlijk voor zichzelf: Geschubd haar is haar met al de schubben er nog op en ongeschubd haar is haar met alle schubben eraf. Over het ongeschubd haar wordt soms een kunststof coating gelegd.

Het merkwaardige van dat ongeschubd haar met coating is dat het tot op bepaalde hoogte zich gaat gedragen al synthetisch haar. Het is niet meer te bewerken met chemicaliën, zoals voor gebruik aangaande bijvoorbeeld, permanenten of verven.

Synthetisch haar:

Synthetisch haar, kunsthaar of plastic haar het is allemaal dezelfde benaming voor een kunststof product welke uit aardolie wordt vervaardigd en tot de groep van polymeren behoort. Het is niet de bedoeling dat in dit hoofdstuk aan de orde komt hoe de gehele productie proces van synthetisch haar in elkaar zit en wat de chemische samenstelling is. Echter er worden wel bepaalde elementen behandeld, omdat de daardoor verkregen kennis een beter inzicht kan verschaffen over de gedragingen en eventuele problemen van de verschillende soorten synthetisch haar.

Een synthetische vezel is een streng van polymeren bestaande uit moleculen van monomeren en is in het algemeen vervormbaar bij een temperatuur van 100 graden Celsius. Deze vezel wordt tot draden getrokken tot ze de diameter van een haar hebben verkregen. Alle denkbare kleuren en kleurnuances zijn er te maken. De kleur middels verf wordt tijdens de samenstelling van het polymeer toegevoegd.

De natuur heeft er voor gezorgd dat al onze kleuren opgebouwd zijn uit 3 Hoofdkleuren Rood, Blauw, Geel plus de kleur wit. (wit is de som van alle kleuren) opgebouwd. Bij synthetisch haar hebben nog steeds veel mensen een beeld van het bijzonder onecht lijkende “poppenhaar” voor ogen staan. En het oordeel is dan ook prematuur dien overeenkomstig.

In de beginperiode zag dat synthetisch haar er inderdaad vreselijk eruit. Een “kunsthaar” was niets anders dan een haardun superglad getrokken vezel van plastic. Met als resultaat het spiegeleffect, zo’n haar glom je tegemoet. Na enige weken raakte de oppervlakte van het haar beschadigd, onder meer door het kammen, borstelen en wassen, waardoor de spiegel effect verdween. Voor een maandje had je dan een redelijk natuurlijk uitziende haar. Echter de beschadigingen aan de oppervlakte van het haar bleven natuurlijk, onder meer door het kammen, borstelen en wassen gewoon toenemen, waardoor alle glans verdwijnt. Resultaat zeer doffe haren.

Vanaf begin jaren tachtig werden procédé ‘s voor het vervaardigen van synthetische vezels dusdanig verbeterd, dat het de vergelijking met echt haar kon aangaan. Tien jaar later ontstaat er zelfs een situatie dat synthetisch haar als beter wordt gekwalificeerd dan echt haar. Dit komt doordat synthetisch haar, ondanks de optredende kleurverschuiving, veel kleurvaster is dan echt haar.

Synthetische haren zijn niet te verven. Alleen met gebruik van textielverf kan er een beperkte kleurverandering worden aangebracht van zeer matige kwaliteit. Heel eenzijdig en mat. De kwalitatief betere synthetische haarsoorten die vandaag de dag het meest gebruikt worden zijn in alfabetische volgorde:

Cyberhair

Fibre 150

Futura

A) Hair Blend (B-tweehonderd)

B) Kanekalon

C) Modacrylic (Modo Acrylic)

D) Revolution

Share This